3 Johannes

Back Home Next

 

KJDictionary 1

NBG 1951

KJV 1611

STATEN 1637

3JH vs 1 De oudste aan de geliefde Gajus, die ik in waarheid liefheb.

1 The elder unto the wellbeloved Gaius, whom I love in the truth.

1 De ouderling aan den geliefden Gajus, welken ik in waarheid liefheb.

3JH vs 2 Geliefde, ik bid, dat het u in alles wèl ga en gij gezond zijt, gelijk het uw ziel wèl gaat.

2 Beloved, I wish above all things that thou mayest prosper and be in health, even as thy soul prospereth.

2 Geliefde, voor alle dingen wens ik, dat gij welvaart en gezond zijt, gelijk uw ziel welvaart.

3JH vs 3 Want het heeft mij zeer verblijd, als er broeders kwamen en van uw waarheid een goed getuigenis gaven, zoals gij dan ook in de waarheid wandelt.

3 For I rejoiced greatly, when the brethren came and testified of the truth that is in thee, even as thou walkest in the truth.

3 Want ik ben zeer verblijd geweest, als de broeders kwamen, en getuigden van uw waarheid, gelijk gij in de waarheid wandelt.

3JH vs 4 Groter blijdschap ken ik niet, dan dat ik hoor, dat mijn kinderen in de waarheid wandelen.

4 I have no greater joy than to hear that my children walk in truth.

4 Ik heb geen meerdere blijdschap dan hierin, dat ik hoor, dat mijn kinderen in de waarheid wandelen.

3JH vs 5 Geliefde, gij handelt trouw in alles wat gij aan de broeders doet, en dat nog wel aan vreemdelingen,

5 Beloved, thou doest faithfully whatsoever thou doest to the brethren, and to strangers;

5 Geliefde, gij doet trouwelijk, in al hetgeen gij doet aan de broederen en aan de vreemdelingen,

3JH vs 6 die in tegenwoordigheid der gemeente getuigd hebben van uw liefde; indien gij hen voorthelpt, gelijk het Gode waardig is, zult gij wèl doen;

6 Which have borne witness of thy charity before the church: whom if thou bring forward on their journey after a godly sort, thou shalt do well:

6 Die getuigd hebben van uw liefde, in de tegenwoordigheid der Gemeente; welken indien gij geleide doet, gelijk het Gode waardig is, zo zult gij weldoen.

3JH vs 7 want zij zijn uitgegaan ter wille van de Naam, zonder iets van de heidenen aan te nemen.

7 Because that for his name's sake they went forth, taking nothing of the Gentiles.

7 Want zij zijn voor Zijn Naam uitgegaan, niets nemende van de heidenen.

3JH vs 8 Wij behoren dus zulke mannen te ontvangen, opdat wij mogen samenwerken voor de waarheid.

8 We therefore ought to receive such, that we might be fellowhelpers to the truth.

8 Wij dan zijn schuldig de zodanigen te ontvangen, opdat wij medearbeiders mogen worden der waarheid.

3JH vs 9 Ik heb aan de gemeente een en ander geschreven; maar Diotrefes, die onder hen de eerste tracht te zijn, ontvangt ons niet.

9 I wrote unto the church: but Diotrephes, who loveth to have the preeminence among them, receiveth us not.

9 Ik heb aan de Gemeente geschreven; maar Diotrefes, die onder hen zoekt de eerste te zijn, neemt ons niet aan.

3JH vs 10 Daarom zal ik, als ik kom, herinneren aan zijn werken, die hij doet, daar hij met boze woorden tegen ons zwetst; en hiermede nog niet voldaan, ontvangt hij zelf de broeders niet en weerhoudt ook hen, die het wel willen doen, en hij werpt hen uit de gemeente.

10 Wherefore, if I come, I will remember his deeds which he doeth, prating against us with malicious words: and not content therewith, neither doth he himself receive the brethren, and forbiddeth them that would, and casteth [them] out of the church.

10 Daarom, indien ik kom, zo zal ik in gedachtenis brengen zijn werken, die hij doet, met boze woorden snaterende tegen ons; en hiermede niet vergenoegd zijnde, zo ontvangt hij zelf de broeders niet, en verhindert degenen, die het willen [doen], en werpt ze uit de Gemeente.

3JH vs 11 Geliefde, volg het kwade niet na, maar het goede. Wie goed doet, is uit God, (maar) wie kwaad doet, heeft God niet gezien.

11 Beloved, follow not that which is evil, but that which is good. He that doeth good is of God: but he that doeth evil hath not seen God.

11 Geliefde, volgt het kwade niet na, maar het goede. Die goed doet, is uit God; maar die kwaad doet, heeft God niet gezien.

3JH vs 12 Van Demetrius is een goed getuigenis gegeven door allen en door de waarheid zelf; en ook wij geven een goed getuigenis en gij weet, dat ons getuigenis waar is.

12 Demetrius hath good report of all [men], and of the truth itself: yea, and we [also] bear record; and ye know that our record is true.

12 Aan Demetrius wordt getuigenis gegeven van allen, en van de waarheid zelve; en wij getuigen ook, en gij weet, dat onze getuigenis waarachtig is.

3JH vs 13 Ik had veel aan u te schrijven, doch ik wil u niet schrijven met inkt en pen;

13 I had many things to write, but I will not with ink and pen write unto thee:

13 Ik had veel te schrijven, maar ik wil u niet schrijven met inkt en pen;

3JH vs 14 maar ik hoop u spoedig te zien; dan zullen wij van mond tot mond spreken.

14 But I trust I shall shortly see thee, and we shall speak face to face.

14 Maar ik hoop u haast te zien, en wij zullen mond tot mond spreken.

3JH vs 15 Vrede zij u! De vrienden groeten u. Groet de vrienden bij name.

Peace [be] to thee. [Our] friends salute thee. Greet the friends by name.

15 Vrede zij u. De vrienden groeten u. Groet de vrienden met name.